Pensioen voor schijnzelfstandigen Deel I: Geen premie: wel of toch geen pensioen – toepassing bij pensioenfondsen
Industry paper 2026-37
“Schijnzelfstandigen kunnen achteraf alsnog pensioen claimen zonder dat premie is betaald. Dit onderzoek laat zien dat pensioenfondsen slechts in bijzondere gevallen van pensioenopbouw mogen afwijken.”
Wat is onderzocht in het paper?
Het onderzoek analyseert of en wanneer pensioenfondsen mogen afwijken van het beginsel ‘geen premie, wel pensioen’ bij schijnzelfstandigheid. Aanleiding is de toenemende aandacht voor arbeidsrelaties die achteraf als arbeidsovereenkomst worden gekwalificeerd, waardoor alsnog pensioenrechten kunnen ontstaan. De auteurs onderzoeken de juridische basis van dit beginsel, de uitzonderingen die uit wetgeving en rechtspraak volgen en de rol van algemene rechtsbeginselen zoals redelijkheid en billijkheid en misbruik van bevoegdheid. Daarnaast beoordelen zij bestaande en mogelijke reglementaire bepalingen van pensioenfondsen. Het onderzoek richt zich uitsluitend op pensioenfondsen en niet op verzekeraars, premiepensioeninstellingen of de mogelijkheden van premie-inning achteraf.
Wat zijn de belangrijkste bevindingen?
Het beginsel ‘geen premie, wel pensioen’ blijft volgens de auteurs ook bij schijnzelfstandigheid het uitgangspunt. Pensioenaanspraken ontstaan in beginsel onafhankelijk van daadwerkelijke premiebetaling. Uitzonderingen zijn alleen denkbaar in bijzondere situaties waarin de werkende zelf bewust en verwijtbaar heeft bijgedragen aan de schijnconstructie of aan het uitblijven van premiebetaling. Algemene rechtsbeginselen bieden slechts beperkte ruimte om aanspraken te weigeren. Ook pensioenreglementen mogen geen generieke regel bevatten die neerkomt op ‘geen premie, geen pensioen’. Wel kunnen reglementen richting geven aan een individuele beoordeling waarin alle omstandigheden van het geval worden meegewogen. Uiteindelijk blijft een casuïstische beoordeling doorslaggevend.
Wat zijn de implicaties?
- Pensioenfondsen moeten eerst onderzoeken of achterstallige premie nog kan worden geïnd voordat zij nadenken over beperkingen van pensioenaanspraken.
- Reglementaire bepalingen mogen beoordelingscriteria bieden, maar mogen niet leiden tot een automatische uitsluiting van pensioenrechten voor schijnzelfstandigen.
- Pensioenfondsen hebben belang bij tijdige monitoring, correcte aanmelding van werknemers en actieve premie-inning om financiële risico’s voor het collectief te beperken.
- Bij de beoordeling van individuele gevallen moeten zowel de bescherming van de werkende als de belangen van het collectief worden meegewogen.