Wat is onderzocht in het paper?

In dit paper is onderzocht hoe pechgeneraties onder gepensioneerden kunnen worden voorkomen door aanpassing van het beleggingsbeleid tijdens de opbouwfase van het pensioen. Hierbij wordt geen gebruik gemaakt van vermogensoverdracht of een solidariteitsreserve. In de analyse wordt rekening gehouden met solidariteit door in te bouwen dat individuen hun opgebouwde pensioen ook waarderen in vergelijking met eerdere cohorten.

Wat zijn de belangrijkste bevindingen?

Het onderzoek laat zien dat het optimale beleggingsbeleid binnen de ‘intergenerationele life-cycle’ sterk afwijkt van de klassieke strategie. In periodes waarin niet allebei de cohorten beleggen (aan het begin en aan het eind van de opbouwfase) wordt er minder risicovol geïnvesteerd, terwijl in de periodes dat tegelijkertijd pensioen wordt opgebouwd juist meer risico wordt genomen. Dit beleid vertoont veel overeenkomsten met de in de praktijk gebruikte ‘100-min-leeftijd-regel’ voor het percentage van aandelen in beleggingen. Dit suggereert dat de intergenerationele aanpak goed aansluit bij de manier waarop pensioenfondsen nu in de praktijk al rekening houden met cohorten. Door middel van simulaties (qua marktontwikkelingen) en een impulsresponsanalyse (reactie op schokken) wordt bovendien bevestigd dat het beoogde nivelleringseffect tussen twee cohorten daadwerkelijk wordt bereikt.

Wat zijn de implicaties?

  • Ter voorkoming van pechgeneraties onder gepensioneerden, zonder algemeen pensioenverlies, lijkt de intergenerationele aanpak een doeltreffende en effectieve oplossing.
  • De aanpak kan worden gebruikt naast andere maatregelen, zoals een solidariteitsreserve. De onderzoekers stellen voor om vervolgonderzoek te doen naar de mogelijke invulling van een solidariteitsreserve, gegeven de intergenerationele aanpak.