Met de piek van de vergrijzing in 2040 is de houdbaarheid van de overheidsfinanciën een uitdaging voor de komende decennia. Hierin is een cruciale rol weggelegd voor de AOW. In de Miljoenennota 2025 beslaat de AOW bijna 12% van de totale jaarlijkse overheidsuitgaven. Als onderdeel van het IBO “Pensioenopbouw in Balans” laten Biesenbeek et al. (2024) zien dat de AOW voor veel Nederlandse huishoudens cruciaal is om de levensstandaard na pensionering te behouden en vooral om armoede in pensionering te voorkomen. Vooral voor vrouwen is de AOW cruciaal voor een toereikend pensioen, te meer de grote kloof met mannen in het tweedepijlerpensioen (Kali et al., 2021).

In dit onderzoek analyseren we de gedragsreacties die het individualiseren van de AOW teweeg brengt, met een focus op de relatie tussen AOW en 1) samenwonen en 2) (tweedepijler) pensioensparen. Deze focus is relevant met het oog op de gevolgen van het individualiseren van de AOW voor de toereikendheid van toekomstig pensioeninkomen van huishoudens.