“Werknemers op latere leeftijd vragen aanzienlijke compensatie voor veeleisendere arbeidsomstandigheden, maar zijn vaak slechts beperkt bereid loon in te leveren voor minder veeleisende arbeidsomstandigheden.”

 

Wat is onderzocht in het paper?

Dit paper onderzoekt hoe Nederlandse werknemers van 45 tot 75 jaar verschillende arbeidsomstandigheden op latere leeftijd waarderen. Met behulp van een op maat gemaakte enquête in het representatieve LISS-panel beoordelen respondenten hypothetische vacatures die op slechts één aspect verschillen van hun huidige baan: werktijden, flexibiliteit, fysieke belasting of werkstress. Voor elk scenario bepalen we het minimumloon waarvoor iemand bereid is een alternatieve baan te accepteren. Daardoor kunnen we vaststellen hoeveel extra loon werknemers verlangen voor bepaalde kenmerken van hun werk en hoeveel loon zij bereid zijn in te leveren voor andere kenmerken. De studie vindt plaats tegen de achtergrond van vergrijzing en beleidsmaatregelen die langer doorwerken stimuleren. In plaats van feitelijk arbeidsmarktgedrag te bestuderen, meet het onderzoek rechtstreeks hoe werknemers loon afwegen tegen specifieke arbeidsomstandigheden.

 

Wat zijn de belangrijkste bevindingen?

Oudere werknemers vragen aanzienlijke compensatie om zwaardere arbeidsomstandigheden te accepteren, zoals langere werktijden, minder flexibiliteit, hogere fysieke belasting of meer stress. Daartegenover staat dat hun bereidheid om loon in te leveren voor lichtere arbeidsomstandigheden beperkt is en sterk verschilt tussen personen. Deze asymmetrie is consistent met verliesaversie en referentieafhankelijke voorkeuren. Verschillen tussen mannen en vrouwen zijn vooral zichtbaar bij werktijden: vrouwen hechten meer waarde aan deeltijdwerk, terwijl mannen gemiddeld minder bereid zijn loon in te leveren voor kortere werktijden. Voor flexibiliteit, fysieke belasting en stress zijn de verschillen tussen mannen en vrouwen relatief beperkt. Naarmate werknemers dichter bij pensionering komen, neemt de afkeer van stressvolle en fysiek veeleisende banen toe.

 

Wat zijn de implicaties?

  • Veel oudere werknemers lijken al goed gematcht met hun baan, waardoor beleidsmaatregelen die langer doorwerken stimuleren via veranderingen in arbeidsomstandigheden mogelijk een beperkt effect hebben.
  • Zwaardere arbeidsomstandigheden – vooral meer stress en een hogere fysieke belasting – verminderen de aantrekkelijkheid van werk sterk en kunnen een eerdere uitstroom uit de arbeidsmarkt bevorderen.
  • Werkgevers en beleidsmakers kunnen mogelijk meer bereiken door te voorkomen dat banen veeleisender worden dan door uitsluitend gunstigere arbeidsomstandigheden aan te bieden.