“Ouders verdelen het vermogen binnen het gezin om verschillende redenen: schenkingen worden vaak herverdeeld ten gunste van minder welgestelde kinderen, terwijl erfenissen doorgaans gelijk worden verdeeld, ongeacht eventuele verschillen”

Wat is onderzocht in het paper?

Dit paper onderzoekt waarom ouders vermogen overdragen aan hun kinderen via schenkingen en erfenissen, en hoe dit binnen gezinnen wordt verdeeld. De studie gebruikt unieke administratieve data van het CBS van de volledige Nederlandse bevolking over de periode 2007–2021, gecombineerd met belastinggegevens en sociaal-economische kenmerken van ouders en kinderen. Drie motieven staan centraal: ruilmotief (ouders geven vermogen als tegenprestatie voor zorg of ondersteuning), altruïsme (meer geven aan minder bedeelde kinderen) en ‘warm glow’ (gelijke verdeling uit intrinsieke motivatie). De analyse richt zich expliciet op verschillen tussen kinderen binnen hetzelfde gezin. De context is relevant, omdat private vermogensoverdrachten samenhangen met publieke regelingen zoals pensioenen en zorg, en daarmee invloed hebben op ongelijkheid en beleid.

Wat zijn de belangrijkste bevindingen?

Erfenissen worden in Nederland doorgaans vrijwel gelijk verdeeld onder broers en zussen, ongeacht hun persoonlijke of financiële situatie. Dit wijst op sterke sociale normen en een ‘warm-glow’-motief. Er is nauwelijks bewijs dat factoren zoals inkomen, afstand tot ouders of zorgverlening de verdeling van erfenissen beïnvloeden. Schenkingen laten een ander patroon zien: binnen gezinnen is de kans groter dat kinderen uit financieel zwakkere gezinnen geld krijgen, en ontvangen zij relatief meer. Dit wijst op een duidelijk altruïstisch motief en actieve herverdeling binnen families. Voor beide typen overdrachten is geen overtuigend bewijs gevonden dat ouders vermogen inzetten als compensatie voor informele zorg.

 

Wat zijn de implicaties?

  • Schenkingen kunnen ongelijkheid binnen gezinnen verkleinen, maar erfenissen dragen hier minder aan bij doordat ze meestal gelijk worden verdeeld.
  • Voor beleidsmakers is het relevant dat huishoudens vermogen niet alleen opbouwen voor eigen consumptie of pensioen, maar ook voor overdracht aan volgende generaties.
  • Fiscale prikkels rond schenkingen kunnen invloed hebben op timing en verdeling van vermogen, terwijl erfenissen minder gevoelig lijken voor belastingprikkels.
  • Er zijn geen aanwijzingen dat ouders schenkingen of erfenissen gebruiken als vergoeding voor informele zorg. Dit suggereert dat fiscale prikkels die bedoeld zijn om informele zorg te stimuleren via vermogensoverdrachten waarschijnlijk beperkt effectief zijn.