“Financiële instellingen moeten interne capaciteit opbouwen”

Wat is onderzocht in het paper?

Dit paper onderzoekt hoe financiële instellingen effectief betrokken kunnen zijn bij het herstellen en behouden van biodiversiteit. Het paper bespreekt recente academische en praktijkinzichten op het gebied van biodiversiteit en finance. Het bevat resultaten van interviews met vertegenwoordigers van financiële instellingen, ngo’s, bedrijven en met andere belanghebbenden, om perspectieven vanuit de praktijk vast te leggen.

Wat zijn de belangrijkste bevindingen en implicaties?

Verlies van biodiversiteit vormt een wezenlijke bedreiging voor de wereldeconomie, de financiële sector en het menselijk welzijn. Via hun portefeuilles zijn pensioenfondsen en verzekeraars blootgesteld aan biodiversiteitsrisico’s en zijn ze daarvoor tevens medeverantwoordelijk. Op basis van literatuur en expertinterviews identificeert dit rapport vier criteria voor effectief engagement bij biodiversiteit: (1) kennis, (2) werkbare indicatoren en doelstellingen, (3) grootte van aandelenpositie, en (4) momentum en legitimiteit.

Kennis is noodzakelijk voor zinvol engagement. Financiële instellingen moeten interne capaciteit opbouwen om biodiversiteit en de impact ervan te begrijpen. Dat kunnen ze doen door educatie en externe samenwerkingen.

Werkbare indicatoren en doelstellingen blijven een grote uitdaging. Ondanks de geboekte vooruitgang in meet- en rapportage-initiatieven blijven data-issues en methodologische inconsistenties bestaan. Er is ook sprake van een te grote afhankelijkheid van geaggregeerde of zelfgerapporteerde data. Engagementstrategieën moeten daarom kwantitatieve informatie combineren met kwalitatieve inzichten.

De grootte van de aandelenpositie bepaalt de mate van invloed. Samenwerking met andere investeerders kan helpen om de inspanningen te versterken.

Momentum en legitimiteit bepalen duurzame invloed, gesteund door transparantie, escalatieprotocollen en afstemming tussen (aandelen)stemgedrag en engagementsdoelen. Het opbouwen van momentum en legitimiteit is cruciaal, aangezien de eerste inspanningen vaak de basis leggen voor bredere actie.