Werkgroep Werkgelegenheid van ouderen
29 mei 2015
-
29 mei 2015
Op 29 mei werd er een werkgroepbijeenkomst georganiseerd bij Maastricht University waarin drie papers-in-wording zijn besproken, zie hieronder voor meer informatie.
Medewerkes van Netspar partners kunnen de presentaties opvragen bij Sylvia van Drogenbroek ([email protected])
Arbeidsmarktbeleid voor oudere werkzoekenden: Vlaanderen en Nederland
Frank Cörvers (UM)
Ouderen hebben een kleinere kans om werkloos te worden, omdat ze vaker dan jongeren een vaste in plaats van een tijdelijke baan hebben. Maar eenmaal werkloos is het vinden van een baan moeilijk voor degenen die 45 jaar of ouder zijn. Terwijl ongeveer de helft van de werkzoekenden bij UWV WERKbedrijf ouder is dan 45 jaar, vervulden zij in 2010 slechts ongeveer 10% van alle vacatures (UWV WERKbedrijf, 2011).Uiteraard geldt dit niet enkel in Nederland want ook andere landen kampen met deze problematiek. Via actief arbeidsmarktbeleid proberen Europese lidstaten toch iets te doen aan de werkloosheidsval van werkzoekenden, maar het beleid verschilt aanzienlijk van het ene tot het andere land. De vraag van het paper is in welke mate het beleid van Vlaanderen en Nederland om ouderen aan het werk te krijgen verschilt, en wat zouden beide landen kunnen leren van elkaar in het licht van de huidige literatuur. Aan de hand van een comparatief onderzoek van enkele instituties (bijv. wet- en regelgeving) op het terrein van arbeidsmarkttoeleiding voor oudere werkzoekenden worden Nederland en Vlaanderen met elkaar vergeleken. Hierbij worden de consequenties van deze instituties eerst en vooral gerelateerd aan: 1 gegevens over het functioneren van de arbeidsmarkttoeleiding, in het bijzonder de baanvindkansen voor oudere werkzoekenden; 2 de bevindingen in de arbeidseconomische wetenschappelijke literatuur.
Ouderen hebben een kleinere kans om werkloos te worden, omdat ze vaker dan jongeren een vaste in plaats van een tijdelijke baan hebben. Maar eenmaal werkloos is het vinden van een baan moeilijk voor degenen die 45 jaar of ouder zijn. Terwijl ongeveer de helft van de werkzoekenden bij UWV WERKbedrijf ouder is dan 45 jaar, vervulden zij in 2010 slechts ongeveer 10% van alle vacatures (UWV WERKbedrijf, 2011).Uiteraard geldt dit niet enkel in Nederland want ook andere landen kampen met deze problematiek. Via actief arbeidsmarktbeleid proberen Europese lidstaten toch iets te doen aan de werkloosheidsval van werkzoekenden, maar het beleid verschilt aanzienlijk van het ene tot het andere land. De vraag van het paper is in welke mate het beleid van Vlaanderen en Nederland om ouderen aan het werk te krijgen verschilt, en wat zouden beide landen kunnen leren van elkaar in het licht van de huidige literatuur. Aan de hand van een comparatief onderzoek van enkele instituties (bijv. wet- en regelgeving) op het terrein van arbeidsmarkttoeleiding voor oudere werkzoekenden worden Nederland en Vlaanderen met elkaar vergeleken. Hierbij worden de consequenties van deze instituties eerst en vooral gerelateerd aan: 1 gegevens over het functioneren van de arbeidsmarkttoeleiding, in het bijzonder de baanvindkansen voor oudere werkzoekenden; 2 de bevindingen in de arbeidseconomische wetenschappelijke literatuur.
Werkgevers vitaliseren te weinig
Mauro Mastrogiacomo (DNB)
Werkgevers en werknemers zullen door de vele versoberingen van de pensioenen moeten wennen aan het feit dat er langer moet worden doorgewerkt. In dit NEA paper gaan de auteurs in op de vraag of het bestaande HR-instrumentarium van werkgevers in voldoende mate aansluit bij de veranderende beleidspraktijk. Om deze vraag te beantwoorden inventariseren ze welke HR-instrumenten door werkgevers op dit ogenblik worden ingezet om werknemers te stimuleren om langer productief door te werken? Daarbovenop onderzoeken ze welke HR-instrumenten het meest effectief zijn om de duurzame inzetbaarheid te vergroten. Voor het beantwoorden van deze vragen putten wij uit recente inzichten uit de bestaande literatuur en presenteren ze resultaten op basis van gekoppelde werknemers- en werkgeversurvey die in de periode 2011-2013 voor de overheid, onderwijs en geprivatiseerde sectoren door het ROA zijn verzameld. Op basis van deze discussie en resultaten betogen ze dat werkgevers nog te veel ontzien en te weinig vitaliseren om werknemers productief langer te laten doorwerken.
Keuzevrijheid in de uittreedleeftijd
Jim Been, Marike Knoef (Leiden University)
De centrale vraag in dit paper is of Nederlanders meer gebaat zijn bij meer flexibiliteit in de uittreedleeftijd. De grote heterogeniteit in voorkeuren maakt meer flexibiliteit wenselijk. Anderzijds kan meer flexibiliteit ook nadelige gevolgen hebben, vooral omdat de recente literatuur van de gedragseconomie laat zien dat mensen niet altijd de beslissingen nemen die het meest in hun eigen belang zijn.
Voor meer informatie over deze bijeenkomst of andere Netspar bijeenkomsten kunt u terecht bij onze evenementencoordinator Sylvia van Drogenbroek, tel 013 466 3206 of via email ([email protected]).
Op 29 mei werd er een werkgroepbijeenkomst georganiseerd bij Maastricht University waarin drie papers-in-wording zijn besproken, zie hieronder voor meer informatie.
Medewerkes van Netspar partners kunnen de presentaties opvragen bij Sylvia van Drogenbroek ([email protected])
Locatie
Maastricht
Soortgelijke bijeenkomsten
Sign up for event
Oeps! We konden je formulier niet vinden.