Communicatie over pensioenen in verschillende landen

Inleiding

In Nederland, Italië en veel andere landen is het automatische, verplichte pensioensparen door de recente hervormingen minder royaal/gunstig gemaakt. De verantwoordelijkheid om een ​​adequate levensstandaard te waarborgen is deels overgedragen aan de individuele burger. Individuen moeten zelf beslissingen nemen over bijvoorbeeld aanvullend pensioensparen of over hoe ze hun eigen DC-pensioenvermogen willen beleggen.

Het is geen gemakkelijke opgave voor individuen om pensioengerelateerde beslissingen te nemen die in hun eigen belang zijn. Het vereist een vooruitziende blik en is met onzekerheden omgeven. Uit onderzoeken in veel landen blijkt dat de meeste mensen onvoldoende pensioenkennis hebben. Veel mensen zijn niet geïnteresseerd in pensioenbeslissingen of beschikken over onvoldoende vaardigheden en informatie om adequate beslissingen te kunnen nemen. Er zijn verschillende manieren om mensen te helpen bij het nemen van de juiste beslissingen. Ten eerste door de beschikbare keuzemogelijkheden te structureren. Pensioenproducten moeten zo transparant mogelijk zijn en er dienen geen slechte producten of keuzemogelijkheden te worden aangeboden. Ten tweede door het structureren van het keuzeproces. Factoren als context, timing, standaardwaarden, stapsgewijze beslissingen blijken grote effecten te hebben op de uiteindelijke keuzes die worden gemaakt. Ten derde beïnvloedt de kwaliteit van pensioencommunicatie zowel de betrokkenheid bij het pensioenvraagstuk als het vermogen om goede beslissingen te nemen. Het huidige voorstel richt zich op het laatstgenoemde aspect. Wat zijn de ervaringen in andere landen met pensioencommunicatie, en wat zijn de lessen die Nederland daaruit kan trekken? We richten ons primair op een vergelijking tussen Italië en Nederland, maar kijken ook naar een aantal andere landen, zoals Duitsland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk.

Literatuur

Pensioencommunicatie is er in allerlei verschillende vormen en kan op uiteenlopende partijen betrekking hebben. In veel landen met een openbaar pensioenstelsel wordt door de verantwoordelijke overheidsinstelling jaarlijks een pensioenoverzicht verstrekt (bijv. door de Social Security Administration in de VS). Zie bijvoorbeeld Kritzer en Smith (2016) voor een vergelijking van de pensioenoverzichten in de VS, Canada en Zweden. Daarin wordt ook de effectiviteit van de pensioenoverzichten geëvalueerd. De effectiviteit van de pensioenoverzichten wordt beoordeeld aan de hand van het subjectieve criterium: Is de inhoud van het pensioenoverzicht begrijpelijk? Of de pensioenoverzichten mensen helpen om zich beter voor te bereiden op pensionering door betere pensioengerelateerde beslissingen te nemen, is een moeilijker te beantwoorden vraag.

In Italië introduceerde het INPS in 2015 de oranje brief “La Mia Pensione”. Met deze brief, vergelijkbaar met de Zweedse “Oranje Envelop”, worden Italiaanse werknemers op de hoogte gebracht van hun toekomstig pensioen, berekend op basis van verschillende groeiscenario’s van het BBP. De hoop is dat in Italië, waar pensioenkennis nog geen vast onderdeel is van het vermogensbeheer gedurende de levenscyclus, de introductie van deze brief een enorm positief effect heeft op het economisch gedrag van mensen, die hiermee beter worden geïnformeerd over hun inkomen na pensionering. Volgens het levenscyclusmodel zullen mensen die worden geconfronteerd met een toekomstig pensioen dat lager ligt dan ze hadden verwacht voordat ze de brief kregen, hun particuliere spaargelden verhogen. In een door het INPS gefinancierd project is Giacomo de Giorgi (van de New York Fed) van plan om te gaan analyseren of dit inderdaad het geval is.

Een voorbeeld van pensioencommunicatie die is gekoppeld aan een hervorming in plaats van een periodiek overzicht, is de door de Italiaanse regering gelanceerde communicatiecampagne om te bewerkstelligen dat werknemers de ontslagvergoeding die ze krijgen bij pensionering over te dragen naar een pensioenfonds (Gallo et al., 2016). Aanleiding voor deze campagne waren de Italiaanse pensioenhervormingen die het ‘eerste pijler’-pensioen veel minder royaal hebben gemaakt (Fornero en Monticone, 2011).

Atkinson et al. (2012) geven een uitgebreid overzicht van pensioencommunicatiecampagnes in OESO-landen die verband houden met pensioenhervormingen. Ze concluderen dat de campagnes zeer uiteenlopende doelstellingen hebben, dat er veel soorten campagnes zijn, en dat de effectiviteit van campagnes op verschillende manieren wordt geëvalueerd. Ze stellen tevens dat de organisatoren (bij de evaluatie) van de campagnes nauwelijks naar andere landen kijken, en dat ze veel meer van elkaar zouden kunnen leren.

Maloney en McCarthy (2016) schetsen een theoretisch kader voor pensioencommunicatie als instrument voor pensioenbesluitvorming op basis van de theorie van Kahneman (2011). Kahneman onderscheidt twee systemen van besluitvorming: het intuïtieve systeem1 en het rationele systeem2. Systeem 1 geeft vuistregels (heuristiek) en leidt tot systematische vooroordelen en suboptimale beslissingen. De gedachte is dat Systeem 2 tot betere beslissingen leidt dan Systeem 1, hoewel dit alleen het geval is als Systeem 2 perfect werkt en bewuste beslissingen daadwerkelijk het verwachte nut maximaliseren. Effectieve pensioencommunicatie kan ervoor zorgen dat mensen Systeem 2 gebruiken in plaats van Systeem 1. Het belang van complementariteit met de structuur van pensioenbeslissingen wordt benadrukt, maar als de keuzes te complex zijn en mensen het gevoel hebben dat het geen zin heeft om tijd en moeite te investeren om de relevante aspecten te begrijpen, helpt communicatie niet. Al veel eerder is een soortgelijk conceptueel kader, het ‘Elaboration Likelihood’-model, ontwikkeld in marketing en economische psychologie (Petty en Cacioppo, 1986). Prast en Van Soest (2016) bespreken de implicaties van dit model voor de onderlinge verbanden tussen pensioencommunicatie, financiële geletterdheid, keuzearchitectuur, pensioenbewustzijn en de kwaliteit van pensioenbesluitvorming.

Onderzoeksvragen

In dit artikel bespreken we de ervaringen met pensioencommunicatie in verschillende landen. We maken onderscheid tussen verschillende soorten pensioencommunicatie. Enerzijds kijken we naar de algemene communicatie die gericht is op het vergroten van pensioengeletterdheid en pensioenbewustzijn (bijv. het toelichten van de algemene regels van het pensioenstelsel of de gevolgen van een pensioenhervorming). Anderzijds kijken we naar specifiekere, gepersonaliseerde informatie, zoals periodieke overzichten betreffende publieke, private of allesomvattende pensioenrechten, of specifieke communicatieactiviteiten, bijv. gericht op specifieke groepen zoals mensen die van baan veranderen of mensen die getrouwd of gescheiden zijn. We richten ons op Italië en Nederland, maar bespreken ook het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Zweden. Hoe is de pensioencommunicatie georganiseerd en hoe ontwikkelt die zich in de loop der tijd? Wat zijn de verschillen en overeenkomsten in de verschillende landen? Wat zijn de doelstellingen van de verschillende vormen van pensioencommunicatie? Worden de campagnes geëvalueerd, en zo ja, hoe wordt hun efficiëntie gemeten? Bijvoorbeeld ten aanzien van de mate waarin mensen zich geïnformeerd voelen, of met betrekking tot de kwaliteit van pensioenbeslissingen? Zijn de communicatiecampagnes effectief voor de doelgroep als geheel en voor specifieke subgroepen, zoals jongere/oudere leeftijdsgroepen, mannen/vrouwen, hoog-/laagopgeleiden, financieel geletterde/ongeletterde mensen, alleenstaanden/stellen, etc.? Is er een verschil in effectiviteit tussen de verschillende soorten pensioencommunicatie?

Aanpak

– Overzicht van de bestaande literatuur over pensioencommunicatie en de structuur en kwaliteit van pensioengerelateerde besluiten in de OESO-landen.

– Raadpleging van deskundigen over ervaringen met pensioencommunicatie en de effectiviteit ervan in verschillende landen, zoals Marie Briere (AMUNDI en de Universiteit van Paris Dauphine), Elsa Fornero (Collegio Carlo Alberto, Turijn), Costanza Toricelli (Universiteit van Modena, Italië), Anna d Addio (OESO, Parijs, hoofdauteur van het ‘Pension at a Glance’-rapport van de OESO), Michael Haliassos en Nathanael Vellekoop (Goethe Universiteit, Frankfurt), Edmund Cannon (Universiteit van Bristol) en Hazel Bateman (Universiteit van New South Wales, Sydney ). Veel van deze deskundigen maken reeds deel uit van ons netwerk (Netspar); we hebben het hen nog niet gevraagd, maar we zijn ervan overtuigd dat ze bereid zijn om samen te werken.

– Analyse van microgegevens in Italië en Nederland. Veel enquêtegegevens die de afgelopen jaren zijn verzameld, bevatten nuttige informatie over pensioenbewustzijn, kennis van pensioenhervormingen, en pensioengerelateerde beslissingen. De microgegevens leveren vooral informatie op over verschillen tussen sociaal-economische groepen in Nederland en Italië.

Bekijk hier alle publicaties die dit project heeft voorgebracht

Netspar, Network for Studies on Pensions, Aging and Retirement, is een denktank en kennisnetwerk, gewijd aan het bevorderen van een beter begrip van de economische en sociale gevolgen van pensioenen, vergrijzing en ‘de oude dag’ in Nederland en Europa.

MEER OVER NETSPAR


Missie en strategie           •           Netwerk           •           Organisatie
Netspar Brief       •          Werkprogramma 2019-2023        •         Onderzoeksagenda Netspar NexT

OVER NETSPAR

Onze partners

B20180327_logo_PGB-Pensioendiensten_grijswaarden
B20160708_aegon
B20160708_maastricht university
B20160708_B20160615_Stichting-van-de-Arbeid-logo
B20160708_radboud
Bekijk al onze partners