Rob Alessie gaat met pensioen: vier keer een terugblik
Hoogleraar en aan Netspar verbonden onderzoeker Rob Alessie is deze maand met pensioen gegaan. Van een wandelende encyclopedie tot een goede vriend. Vier mensen, onder wie één van zijn promovendi, twee oud-collega’s en een voormalig student-assistent, kijken terug op hun samenwerking met Rob.
Marike Knoef, promovendus van Rob
“Rob Alessie was mijn promotor. Als promovendus ben ik namelijk gestart in een Netspar-project van Rob en Arthur van Soest. Na mijn promotie hebben we samen een themaproject gedaan. Dat was een fijne samenwerking waarin we elkaar aanvulden. Ook was hij onder meer lid van de Editorial Board van Netspar.
Rob is heel behulpzaam en ik heb veel van hem geleerd. Als je Rob een vraag stelt, dan pakt hij altijd een pen en een papier om het vraagstuk in vergelijkingen op te schrijven. Ik heb van hem geleerd hoe je op die manier problemen ordent in je hoofd. Verder kun je van Rob zeggen dat hij een wandelende encyclopedie is voor wat betreft de onderzoeksliteratuur. Hij kent de hele literatuur op het gebied van huishoudfinanciën uit zijn hoofd.
Wat Rob bijzonder maakt, is dat hij zowel het grote geheel als de kleinste details overziet. Als hij bijvoorbeeld in een promotiecommissie zit, dan kan hij vragen stellen over voetnoten. Dat heb ik bij nog niemand anders gezien, behalve bij Rob. Tegelijk heeft hij ook heel goed zicht op de grote lijnen. Die combinatie vind ik indrukwekkend.
“Maak het gezellig” – dat is een andere les die ik van hem heb geleerd. Toen ik promovendus was, werkte ik in Tilburg en Rob in Utrecht, samen met Adriaan Kalwij, mijn co-promotor. Nadat we over onderzoek hadden gesproken, gingen we ergens eten voordat we de trein terug naar huis namen. Zowel het resultaat als het proces zijn dus relevant voor hem.
Alles bij elkaar heeft Rob een grote bijdrage geleverd aan Netspar en aan de wetenschap in het algemeen. Daarbij stond hij open voor iedereen met econometrische vragen, het maakt niet uit van wie. Ook was hij actief binnen Centerdata en was hij te vinden bij het Centraal Bureau voor de Statistiek. Zo droeg hij bij aan dataverzameling voor onderzoek. Door mee te bouwen aan de data-infrastructuur, heeft hij niet alleen zijn eigen onderzoek, maar ook het onderzoek van vele anderen verbeterd.”
Arthur van Soest, oud-collega van Rob
“Ik ken Rob al sinds de vroege jaren tachtig. Hij deed toen promotieonderzoek op een NWO-project en ik werkte eerst als student-assistent en werd later ook één van de ‘matrozen’ van Arie Kapteyn.
Rob en ik hebben samen flink wat conferenties bezocht. Mijn eerste was het congres van de Econometric Society in Boston in 1985. We vlogen naar New York en reden met twee gehuurde auto’s naar Boston. Op de terugweg maakten we een omweg via de Niagara Falls en Toronto om Rob daar achter te laten bij een neef van hem. Later kwam ik erachter dat Rob overal familie had: in Rome, Madrid – welk congres we ook bezochten, Rob wist er altijd wel een familiebezoek aan vast te plakken.
Ook heb ik goede herinneringen aan de tijd dat Rob en ik samenwerkten als begeleiders van Stefan Hochguertel, één van zijn eerste promovendi, toen hij nog geen hoogleraar was. Rob is een uitermate consciëntieus onderzoeker met een ongeëvenaarde kennis van de literatuur en oog voor de grote lijn, maar ook voor het kleinste detail. Dat bleek ook tijdens onze latere samenwerking binnen Netspar, waar we samen probeerden een van de eerste themaprojecten in goede banen te houden.
Officieel is Rob nu met pensioen, maar niemand gelooft dat hij achter de geraniums gaat zitten. Besturen is niet zijn hobby, maar zijn onderzoeksinteresse is nog lang niet weg. Ook bij Netspar zullen we nog regelmatig van hem horen. Rob, het ga je goed!”
Jochem de Bresser, oud-collega van Rob
“Ik heb Rob voor het eerst gesproken op de International Pension Workshop tijdens mijn promotietijd. Hij zat vervolgens in mijn promotiecommissie, was mijn leidinggevende aan de Rijksuniversiteit Groningen en we hebben samen het promotieonderzoek van Bart van Leeuwen begeleid.
Rob is enorm warm en honderd procent integer. Toen we naar Groningen zijn verhuisd, organiseerde hij bijvoorbeeld etentjes om ons te helpen aarden in het noorden. Vakinhoudelijk beschikt hij over encyclopedische kennis op het gebied van de micro-econometrie van de financiën van huishoudens in het algemeen en vergrijzing en pensioenen in het bijzonder. Daarbij interesseert hij zich zowel in de details van het pensioensysteem als in de methoden waarmee de data geanalyseerd worden.
Ik ben Rob dankbaar voor onze samenwerking en vooral ook voor het feit dat hij de lijn tussen collega en vriend laat vervagen — ik denk dat het voor hem zeldzaam is als een samenwerking zich niet ontpopt tot een vriendschap.”
Bas Werker, voormalig student-assistent van Rob
“Begin jaren negentig was ik student-assistent bij het toenmalige Economisch Instituut Tilburg. Voor Rob deed ik econometrische analyses met betrekking tot de ontwikkeling van het tekort aan leraren in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs.
Wat me altijd van Rob bijgebleven? Dat is dat ik hem eens mijn analyses liet zien, waarna constateerde dat ik goed werk had geleverd. Alleen had hij toch een vraag: “Die R-kwadraat hier, die is nu 37,12 procent, maar vorige week was die 37,08 procent. Wat heb je aangepast?”
Ik had me niet gerealiseerd dat ik ook maar iets aangepast had, maar Rob had wel gelijk. Ik vond dat toen, en nu nog steeds, indrukwekkend en heb ervan geleerd om nauwkeurig te werk te gaan. Dat is me altijd bijgebleven.”